Bij de start van Schoolsportvereniging Schiebroek in 2011 sportte 10 procent van de basisschoolkinderen in deze wijk bij een vereniging. Veel te laag, vond Lekker-Fit!-gymdocent Marvin Bosman van de Stephanusschool. Hij wist de jeugd te enthousiasmeren om in beweging te komen en het aantal sportende kinderen steeg naar 65 procent. Tevreden neemt hij na bijna 10 jaar afscheid als coördinator van de Schoolsportvereniging.

De opzet, de opstart, de groei en de verdere ontwikkeling van Schoolsportvereniging Schiebroek. Als coördinator was Marvin Bosman er al die jaren bij. Dat stokje van coördinator draagt hij nu over aan collega Mitchell, maar vanaf de zijlijn blijft hij bij ‘zijn’ Schoolsportvereniging meekijken. ‘Ik blijf gymleerkracht op de Stephanusschool’, vertelt hij. ‘Maar omdat ik daarnaast ook les geef op het voortgezet onderwijs, wordt het te druk om het coördinatorschap er bij te doen.’

Bijna tien jaar lang was je coördinator. Wat kun je je nog herinneren van het begin?

‘Ik was blij met deze nieuwe uitdaging. Naast het lesgeven en af en toe wat activiteiten organiseren wilde ik wel wat meer betekenen. De Schoolsportvereniging in Schiebroek bleek meteen een succes. We begonnen met voetbal en turnen. Deze twee sporten zaten vrijwel meteen vol. Langzaamaan is dat uitgebreid tot eerst vier sporten en uiteindelijk zes. Volgend schooljaar komt er een zevende sport bij: freerunnen. De eerste twee jaar zijn we begonnen op de Stephanusschool, maar daarna zijn ook de Goede Herderschool en de Wilgenstam aangesloten.’

We kunnen dus wel stellen dat de Schoolsportvereniging in deze wijk van waarde is?

‘Ja absoluut. De sportparticipatie was zo’n tien jaar geleden erg laag onder de jeugd. Maar 10 procent sportte bij een vereniging. In de omgeving is genoeg aanbod, maar voor ouders was de drempel vaak te hoog. Ze spreken de taal niet goed genoeg, hadden geen zin om dingen te regelen, vonden de clubs toch te ver weg of wisten niet van het Jeugdfonds Sport af. Aan de kinderen zelf lag het niet. Als je vroeg of ze wilden sporten was het antwoord altijd: ja!’

Hoe heb je dit aangepakt?

‘Door ouders in het begin letterlijk aan de hand mee te nemen. Het is voor hen ook spannend dat hun kind gaat sporten bij een vereniging. Ze moeten goed geïnformeerd worden, maar ook vertrouwde gezichten in hun omgeving hebben. Zodra ouders merken dat je hun kind wilt helpen, vinden ze het prima. Ik ben altijd door mijn ouders gestimuleerd om te gaan sporten, maar dat is niet vanzelfsprekend. Dat los je op door het belang van bewegen en sporten bij een vereniging te blijven benadrukken: het is goed voor je gezondheid, maar je doet ook sociale contacten op en zit beter in je vel. Dit alles zorgt voor betere schoolprestaties.’

Op het hoogtepunt sportte 64 procent van de kinderen in de wijk. Jouw aanpak heeft dus gewerkt.

‘Het was zelfs op een gegeven moment niet meer mogelijk om via de Schoolsportvereniging meer groei te creëren. Alle sporten kwamen vol te zitten. Naast judo, turnen, voetbal, dans, tennis en karate komt er dus volgend jaar nog een nieuwe sport bij: freerunnen.’

Hoe vond je de samenwerking met de clubs en Rotterdam Sportsupport?

‘Erg fijn, want als coördinator merk je dat je elkaar nodig hebt om een Schoolsportvereniging succesvol te maken. Een Schoolsportvereniging valt of staat met bijvoorbeeld een goede, vaste clubtrainer. Daarin moet je investeren door goede afspraken te maken met de verenigingen. Rotterdam Sportsupport heeft op haar beurt weer goede relaties met clubs en kan ze daarin ondersteunen. Het is een wisselwerking tussen verschillende partijen.’

Jouw SSV-taken worden overgenomen door Mitchell. Heb je nog een goede tip voor hem of voor de andere coördinatoren?

‘Als ik zo om me heen kijk, zie ik dat elke coördinator in Rotterdam met veel enthousiasme en passie zijn of haar werk doet. Er worden mooie resultaten behaald. Ik zou zeggen: probeer die passie vast te houden!’

null